Salons voor Schone Kunsten

Salons voor Schone Kunsten

Stationsstraat 85 - 9100 Sint-Niklaas
T *32 (0)3 778 17 45 - F *32 (0)3 760 37 60
www.sint-niklaas.be
stedelijke.musea@sint-niklaas.be

De liberale textielfabrikant Edmond Meert (1879-1961) kreeg in juni 1928 van het stadsbestuur van Sint-Niklaas toestemming een woonhuis van 16,54 meter gevelbreedte te bouwen in de Stationsstraat, naar ontwerp van de Antwerpse architect Paul Stordiau. Op dat moment floreerde de N.V. Etablissements Meert, een bedrijf waar katoenen en wollen tapijten, wand- en meubelbekleding werden geproduceerd.
Een bezoek aan dit monumentale pand biedt een inkijkje in het leven van de rijke bourgeoisie tijdens het interbellum.

Op de beletage bevinden zich de meest prestigieuze ruimten met royale afmetingen. De ontvangsthal imponeert de bezoeker met een monumentale smeedijzeren trap, sierlijke deuromlijstingen, spiegels en rijke marmeraankleding. De verschillende salons waren uitermate geschikt voor vergaderingen met belangrijke zakenrelaties, ontvangsten en familiediners.

De eerste en tweede verdieping waren meer privé, met de slaapkamers en badkamers voor de familieleden. Ook de gouvernante had hier een kamer, in de nabijheid van de kinderen. Zij was een belangrijke schakel tussen de meesters en het huispersoneel, want niettegenstaande de sociaal progressieve reputatie van Meert, kende het huis een strikte scheiding tussen de familie en het huispersoneel.

De indeling van de woning weerspiegelt het principe ‘upstairs, downstairs’ en maakte het voor het personeel mogelijk om  geruisloos maar efficiënt het werk te verrichten. De dienstruimten bevonden zich in de kelder, de slaapkamers op zolder, met elkaar verbonden door een diensttrap. Deze strikte scheiding was, ook in progressieve kringen, algemeen aanvaard. Het huispersoneel werd niet getolereerd binnen de intimiteit van het gezin en werd zoveel mogelijk afgezonderd, maar moest niettemin altijd beschikbaar zijn. Ook in de stadswoning van Edmond Meert is deze indeling herkenbaar.
In de kelder bevonden zich de keuken, wasruimte, strijkkamer, berg- en voorraadruimten en een grote wijnkelder. De ‘monte-plats’, een klein liftje, bracht de bereide gerechten vlakbij de eetkamer, waar een huisknecht snel en discreet kon bedienen. De kamers van het personeel op de bovenste verdieping waren uitgerust met een wastafel en centrale verwarming en grensden aan een aparte badkamer, een zeldzame luxe voor inwonend personeel in die dagen.

De rijkdom van het geheel blijkt ook uit de manier waarop met (lege) ruimte werd omgesprongen. De gigantische oppervlakte van het gebouw was noodzakelijk voor de grootse plannen van de bouwheer, maar de grote bouwdiepte vroeg uiteraard wel een specifieke oplossing voor de lichtinval.
Koepels met een metalen structuur zorgen ervoor dat het daglicht tot de begane grond kan doordringen, ondanks de aanwezigheid van drie bouwlagen. Aan de interieurzijde zijn deze koepels rijk gedecoreerd, aansluitend bij de historiserende aankleding van het gebouw. Verschillende kamers zijn bekleed met wandtextiel uit Meerts eigen fabrieken.

Salons voor Schone Kunsten
In 1984 werd het huis Meert door het stadsbestuur aangekocht met de bedoeling een van de laatste grotendeels intact gebleven herenhuizen in de Stationsstraat te bewaren. Het gebouw werd gedeeltelijk gerestaureerd en in 1988 geopend als afdeling van de stedelijke musea onder de benaming ‘Salons voor Schone Kunsten’, waarin het mooiste uit het stedelijk kunstpatrimonium werd samengebracht. Het herenhuis met museale kwaliteiten werd aldus een museum met huiselijke kwaliteiten.
De bezoeker bekijkt werk van meesters als Willem Heda en Joos de Momper, naast een selectie schilderijen van voornamelijk Belgische kunstenaars uit de 19de en 20ste eeuw, met topstukken als Charles speelt tafeltje van Henri Evenepoel, Het gebed der ootmoedigen en De paria van Eugène Laermans en Guillaume Vogels’ Chrysanten. En er is nog meer: rustige marines van Louis Artan of dromerige landschappen van Hyppolyte Boulenger.
De stijlmeubelen en siervoorwerpen en een keuze uit de Wase artistieke productie maken de rondgang compleet.

Als een van de weinige volledig bewaard gebleven huizen in de Stationsstraat, de belangrijkste winkelstraat die marktplein en station verbindt, getuigt dit pand van de welstand die de textielnijverheid de stad Sint-Niklaas heeft gebracht. Maar ook een stukje sociale geschiedenis spreekt uit de originele kelderkeukens en dienstbodenkamers.

Stadstuin
Achter de herenwoning/het museum ligt een grote ingesloten tuin, die een oase van rust is achter de drukke winkelstraat.

Openingstijden

  • Di t/m za 14-17 uur, zo 11-17 uur
  • Groepen en scholen ook op afspraak
  • Gesloten op 1, 2 en 3 januari, 25 en 26 december en tussen 11 november en 6 december

Toegangsprijzen

  • Individiuele bezoekers: 1,50 euro
  • Groepen en scholen buiten Sint-Niklaas, kortingen: 1 euro
  • Scholen Sint-Niklaas: gratis

Rondleidingen (op afspraak – tel. 03/760.37.54)
Rondleiding in museumcollectie (gelijkvloers en eerste verdieping), rondleiding in het gebouw ‘upstairs-downstairs’ (van meidenkamer tot kelderkeuken)

  • Groepen: 50 euro
  • Scholen en instellingen van Sint-Niklaas: 25 euro
  • Scholen en instellingen buiten Sint-Niklaas: 31,50 euro

Monoloog Een dienstmeisje vertelt door actrice Lutgard Pairon, op basis van de mondelinge getuigenis van een gewezen dienstbode van Edmond Meert

  • Scholen van Sint-Niklaas: 68 euro
  • Scholen buiten Sint-Niklaas: 79 euro
  • Groepen: 90 euro

Bereikbaarheid

  • Openbaar vervoer: op tien minuten wandelafstand van het trein- en busstation Sint-Niklaas
  • Met de auto: parkeergelegenheid aan het station, onder de Grote Markt, op het openbare parkeerterrein Zwijgershoek

Verhuur
Huren van een ruimte voor concerten, ontvangsten, nocturnes is mogelijk, mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Maximum capaciteit 100 personen. Info: tel. 0032 (0)3 7603755